Komen Eten

De recepten van Erwin

Voorgerecht Erwin

Voorgerecht: bloemenweide van courgette

  • 4 courgettes
  • 4 takjes oregano
  • 2 pakjes parmaham
  • 2 velletjes bladerdeeg
  • Parmezaan
  • peper
  • zout
  • olijfolie
  1. Rol de velletjes deeg uit en verwarm de oven op 200 graden.
  2. Snijd de courgette in dunne plakjes met de kaasschaaf of mandoline. Maak ze niet te dik want ze moeten kunnen buigen.
  3. Snijd het deeg zodat je 3 reepjes hebt van ongeveer 6cm hoog (de halve maantjes boven en onder gooi je weg). Gebruik eventueel een beetje bloem tegen het plakken.
  4. Beleg de bovenkant van een deegstrook met plakjes courgette en laat deze iets overlappen over elkaar.
  5. Leg er een stuk parmaham op en bestrooi met wat kaas en oregano. Rol dan voorzichtig op (met natte handen plakt het niet aan je vingers) en druk de onderzijde ietsjes dicht.
  6. Vet de muffinvorm in met wat olie of boter en zet de hartige roosjes hier in.
  7. Bestrijk ook de bovenzijde met een beetje olie zodat ze niet snel verbranden.
  8. Bak 30 min in de oven tot ze goudbruin en gaar zijn.
  9. Serveer ze direct of bewaar ze afgesloten in een trommel en warm ze een paar minuten op in de oven.
  10. Ook lekker met bijvoorbeeld geitenkaas, roomkaas of pijnboompitten er tussen.
Hoofdgerecht Erwin

Hoofdgerecht: konijn om van te pruimen

  • 4 konijnenbouten
  • 4 uien
  • 250 gram gedroogde ontpit pruimen
  • 2etl pruimenconfituur
  • 2 eetlepels bloem
  • 75 cl amberkleurig bier
  • 2 etl mosterd
  • 4 laurierblaadjes
  • 4 takjes tijm
  • boter
  • peper zout
  • natuurazijn
  • 4 stronken witloof
  • mayonaise
  • flinke portie pommes duchesse
  1. Smelt een royale klont boter in een ruime stoofpot.
  2. Kruid ondertussen de stukken konijn grondig met peper en zout.
  3. Bruin de stukken konijn aan. Werk eventueel in delen om alle stukken vlees van een mooi korstje te voorzien.
  4. Haal het vlees, dat nog lang niet gaar is, uit de stoofpot en laat even rusten.
  5. Voeg indien nodig wat verse boter toe en stoof in het braadvocht de halve uiringen.
  6. Snijd ondertussen, indien nodig, de gedroogde pruimen in hapklare stukken en voeg ze toe aan de gestoofde ui. Doe er ook de pruimen confituur (of bruine suiker bij) en bestuif met de bloem. Roer om en laat, op een zacht vuur, even bakken.
  7. Leg de stukken konijn opnieuw in de pan en zet onder met het bier. Schep er de mosterd bij en roer goed om zodat alle bakresten op de bodem loskomen.
  8. Bind de blaadjes laurier en takjes tijm samen en voeg, met de kruidnagels, toe aan het stoofpotje. Kruid met peper en zout. Dek af en laat een uurtje pruttelen - konijn moet danig zacht zijn dat het bijna van het bot valt.
  9. Voeg net voor het serveren nog een scheutje azijn toe en werk, naar wens, verder af met peper en/of zout.
  10. Snipper wat witloof fijn, meng met mayonaise, kruid met peper, zout en een beetje natuurazijn.

Heerlijk met een glaasje rode wijn of een stevig biertje. Smakelijk!

Nagerecht Erwin

Nagerecht: verloren brood met appel en ijs

  • 3 appels
  • bruine suiker
  • scheut amaretto
  • 4 boterhammen
  • karnemelk
  • 2 eieren
  • vanille suiker
  • vanille-ijs
  1. Breek de eieren in een ruime mengkom en kluts ze met de garde.
  2. Strooi een snuifje kaneelpoeder over de geklutste eieren en schenk er de karnemelk bij. Voeg de vanillesuiker toe en een snuifje zout. Meng en kluts alles met de garde, tot je een egaal eierbeslag overhoudt, waarin de suiker is opgelost.
  3. Schil de appelen, snijd ze in kwarten en verwijder het klokhuis.
  4. Snijd de stukken appel in hapklare stukjes van 1 tot 2 centimeter breed.
  5. Smelt een klont boter in een ruime braadpan op een matig vuur. Doe de stukjes appel in de bruisende boter en roer af en toe.
  6. Strooi een beetje suiker over de stukjes fruit. Kies voor bruine suiker.
  7. Zet het vuur zacht en laat de appelstukjes gedurende 10 minuten karameliseren in de boter. Roer af en toe, of schud de appelstukjes op.
  8. Snijd tussendoor het brood in dikke sneden van zo’n 2 centimeter breed. Snijd ook de broodkorsten weg.
  9. Smelt een klont boter in een tweede braadpan op een matig vuur.
  10. Dompel de boven- en onderzijde van de stukken briochebrood in het mengsel van ei en wentel ze rond.
  11. Bak de plakken ‘verloren brood’ langs de beide zijden goudbruin in de bruisende boter. Kijk uit dat je de sneetjes brood tijdig omdraait.
  12. Schenk een scheut amareto in de pan met appelstukjes en flambeer ze. Opm: Flambeer nooit onder de (werkende) dampkap om brandgevaar te vermijden. Hou kinderen uit de buurt.
  13. Bak de stukken ‘verloren’ brood goudbruin en krokant in de hete boter. Draai de schijven brood tijdig om, zodat ze niet verbranden.
  14. Serveer iedereen een plak gebakken briochebrood en schep er gebakken appelstukjes bovenop.
  15. Werk het dessert af met een bol vanille-ijs.